(Gepubliceerd op 14 juni
2011.)
Regering, werkgevers- en werknemersorganisaties zijn het eens geworden over
ons toekomstige pensioenstelsel. Waar het op neerkomt is dat die pensioenen niet
meer zo zeker zijn en er niet meer zo mooi uitzien als vroeger.
Pensioen krijg je als je nu geld opzij legt voor later. (Ik heb het hier dus
niet over de AOW, waarbij de nu nog werkenden de AOW-uitkering van de
65-plussers opbrengen.) Het geld dat je opzij legt is de pensioenpremie, die
werkgevers en werknemers gezamenlijk storten in het pensioenfonds. Het is een
percentage van je salaris na aftrek van een zogenaamde franchise. Het
pensioenfonds probeert van jouw geld meer geld te maken door het winstgevend te
beleggen. Dat is in principe een goede zaak, maar een paar jaar geleden hebben
we dus kunnen zien dat al die knappe koppen zich op een gigantische wijze hebben
laten bedonderen of zichzelf hebben bedonderd, met als nettoresultaat dat de
pensioengerechtigden werden bedonderd, doordat pensioenuitkeringen 'bevroren'
zijn of zelfs verlaagd. De pensioengerechtigden waren daar in genen dele zelf
verantwoordelijk voor, ze zijn alleen de slachtoffers.
Ik heb eens zitten nadenken. Al die knappe koppen vertrouw ik voor geen cent,
vooral niet als ze me vertellen dat ze iets bedacht hebben wat nog beter en
mooier voor
mij is, want waarschijnlijk is dat vooral nog veel beter voor hen zelf. Als ik
nog 27 was en dus over 40 jaar met pensioen zou gaan, zou ik het anders willen
doen. Ik zou tegen mijn baas zeggen: "Laat mij maar buiten het pensioenfonds.
Geef het geld dat jij in het pensioenfonds stort maar aan mij. Ik bedenk zelf
wel iets voor mijn oude dag."
Van beleggen heb ik totaal geen verstand. Ik heb er ook geen zin in om
dagelijks bij te houden of de beurskoersen gestegen of gedaald zijn. Het
enige waar ik nog redelijk op vertrouw is zo'n gewone spaarrekening. Dus stel je even het
volgende voor:
● ik heb
een modaal inkomen, nu 33.000 euro per jaar en dat blijft 40 jaar lang
zo, tot ik 67 wordt;
● de
pensioenpremie over dat inkomen bedraagt 4.990,11 euro per jaar (huidige
premie bij het ABP);
● dat
bedrag zet ik elk jaar op een depositorekening (10 jaar vast);
● ik
krijg daarover een rente van 4,5% (huidige rente bij de NICB; volgens de
Consumentenbond de "Beste koop");
● als ik
67 wordt heb ik (rekening houdend met de belasting over spaargelden) een
bedrag van 580.451,52 euro.
Tegen de tijd dat ik 67 word heb ik inmiddels bedacht dat ik 85 word: nog
18 jaar te gaan. Haal ik die 85 niet: leuk voor de erfgenamen. Ga ik nog een
paar jaar verder door dan zal ik toch geen al te grote uitgaven meer doen. Van
mijn spaartegoed haal ik elk jaar 33.000 euro af, net zoveel als mijn salaris,
maar nu heb ik er ook nog eens AOW bij en ik betaal alleen belasting over de AOW
en over de rente die ik nog steeds ontvang. Ik kan dus zelfs ruimer leven, terwijl
al die mensen met een pensioen het met minder moeten doen. Als ik 85 word heb
ik nog ruim 11.000 euro op de bank staan. Ik had veel meer kunnen hebben en
uitgeven als ik zeer succesvol belegd had, maar ik heb helemaal geen behoefte
aan allerlei luxe en rijk doodgaan zie ik ook niet als doel.
Ik had door verkeerd beleggen ook helemaal blut kunnen zijn.
Natuurlijk heb ik wel eens van inflatie gehoord. Die ruim een half miljoen
die ik over 40 jaar heb is minder waard dan hetzelfde bedrag nu. Maar mijn
salaris blijft ook geen 40 jaar hetzelfde. Het blijft niet altijd kommer en
kwel, dus ik ga uit van een salarisstijging van gemiddeld 1,5% per jaar. Dat
betekent een eindsalaris van 58.977,94 per jaar. Het gespaarde bedrag zal dus ook een
stuk hoger zijn.
Ik mag nog steeds rekenen op een financieel mooie oude dag.
Ik ben geen rekenwonder, dus als ik hierboven verkeerd heb zitten rekenen,
hoor ik dat graag. Maar als ik goed gerekend heb, vraag ik me af waar die
pensioenfondsen zo moeilijk over doen. Die kunnen al die premies ook op een
nette depositorekening zetten en zo een mooie rente krijgen. Al dat investeren,
beleggen
en 'durfkapitalisme' laten ze maar aan anderen over. Dat doen ze niet met mijn
centen en die van al die andere werknemers. Al die dure deskundigen kunnen ze
ook de laan uitsturen. Je hebt alleen een stel goede administrateurs nodig,
die erop letten dat alle premies binnenkomen en dat iedereen op tijd een deel
van zijn tegoed uitgekeerd krijgt.