"Misschien wel het slechtste boek dat ik ooit gelezen heb." (Evert zelf)

Al googelend kwam ik het vandaag (18 augustus 2008) bij toeval weer eens tegen: "Komt een vrouw bij de dokter" van Kluun. In Nederland zijn, volgens Podium, de uitgever, inmiddels 600.000 exemplaren van dit boek verkocht. Het is in 26 talen vertaald. Bij Bol.com laten - drie jaar na het verschijnen - nog steeds lezers hun beoordelingen achter, die bijna zonder uitzondering zijn doordrenkt van tranen en ontroering. Je zou haast zeggen dat hier sprake is van een meesterwerk. Het ontving in ieder geval de 'NS Publieksprijs'.

Al weer een tijd geleden wilde ik het boek lezen omdat het onderwerp, vrouw hoort dat zij kanker heeft en daaraan zal overlijden, mij aansprak. Ik had er al iets meer over gehoord en leende het in plaats van het aan te schaffen. Kort daarna heb ik er een beoordeling van geschreven. Die lees je hieronder.

Kluun noemt het boek in zijn "Verantwoording" een roman. Dat is het naar mijn oordeel niet, want een roman veronderstelt (o.a.) karakterontwikkeling. De karakters van de twee hoofdpersonen hebben nauwelijks veranderingen ondergaan en de 'bijrollen' komen er, wat dat betreft, nog bekaaider af. Nu hoeft een boek geen roman te zijn om een diepe indruk achter te laten en/of te ontroeren en/of emoties op te roepen van welke aard dan ook en dat heeft het kennelijk bij veel mensen gedaan, bij mij ook, al waren dat nogal negatieve emoties. Die heb ik willen analyseren.

Het beschrijven van de ziekte en het doodgaan aan kanker van een echtgenote heeft Jan Wolkers al beter gedaan in Turks Fruit. Het beschrijven van de vaak verkeerde wijze waarop (de werkers in) de gezondheidszorg met patiŰnten en hun problemen omgaan is al vaker en beter gedaan door (leden van) patiŰntenverenigingen. Het beschrijven van seks en vreemdgaan is in de afgelopen eeuwen al vele malen vaker en beter gedaan. De beschrijvingen van de trendy uitgaansgelegenheden en hun publiek deden mij sterk denken aan "American Psycho". Misschien moeten wij, de lezers, vooral de nadrukkelijke combinatie van een 'aangekondigd sterven' van een, beweerdelijk, geliefde partner en het desondanks ongeremd vreemdgaan, "schokkend", of "aangrijpend", of "ontroerend", of "confronterend" of wat dan ook vinden? Het is geen literair, maar een moreel oordeel, als ik zeg dat ik de levenswijze van Stijn gedurende het ziekteproces van Carmen, allereerst onbegrijpelijk, maar verder puur egocentrisch en vooral ronduit walgelijk vind. (Voor een goed begrip: vreemdgaan in een situatie waarin beide partners volledig gelijkwaardig zijn, is wat mij betreft alleen een zaak voor die twee mensen zelf.)

Uit de "Verantwoording" meen ik ook te begrijpen dat dit "op feiten gebaseerde" verhaal zwaar geredigeerd is. Kluun heeft een ongetwijfeld hevige ervaring 'van zich af' willen schrijven, maar hij geeft daarbij zelf al aan dat dit geen publiceerbaar boek zou opleveren. Dat redigeren heeft in iedere geval een eigentijds, 'snel' verhaal opgeleverd, dat precies past in de hedendaagse cultuur van hapklare brokken voor de tv, het internet of de film. Het verhaal heeft bijna de vorm van een scenario voor een film of tv-serie: 91 hoofdstukken (scŔnes?) met een gemiddelde lengte van 3,1 pagina. Modern/eigentijds is ook het aangeven van de 'wramples', al is de toegevoegde waarde ervan voor het verloop van of het begrip van het verhaal mij volstrekt onduidelijk. Dat geldt ook voor veel voetnoten: wat hebben de opstellingen van Ajax en het verloop van wedstrijden met kanker en vreemdgaan te maken? Of behoort dit bij de humor, die past bij de "rauwe" beschrijving? (De humor en de grapjes in het contact tussen Stijn en Carmen over haar doodgaan zijn voor mij wel herkenbaar. Daarover later.)

Het is, denk ik, vooral de eigentijdse vormgeving van het verhaal die aanspreekt. Het thema 'sterven' immers is niet uniek. Mijn leraar Nederlands op de middelbare school vertelde al dat niets zo eenvoudig is voor het teweegbrengen van ontroering als het beschrijven van het sterven van een geliefde. Het verhaal heeft bij mij geen enkele ontroering, laat staan tranen, teweeggebracht.

Waarom wilde ik dit boek lezen en heb ik dat - met duidelijke vooringenomenheid, dat geef ik direct toe - in enkele uren gedaan? Mijn vrouw, met wie ik bijna dertig jaar zeer gelukkig heb samengeleefd, hoorde op 14 mei 1996 - volkomen onverwacht en 'out of the blue' - dat ze kanker had en dat er absoluut niets anders aan te doen was dan een nog experimentele chemotherapie die niet meer dan uitstel zou betekenen en een lange lijst van bijwerkingen had. Zij besloot dat kwaliteit van leven belangrijker was dan verlenging. Zij overleed op 29 juli 1996, 51 jaar oud. Wij hebben ook in die laatste weken gelachen en grapjes gemaakt. Ik bleef, behalve de laatste week, gewoon naar mijn werk gaan. Zij had er geen enkele behoefte aan nog 'gauw even' van alles te doen waar ze voorheen niet aan toe gekomen was. Zij nam rustig de tijd om afscheid te nemen van veel mensen die haar lief waren.

Ik heb ook geschreven. Ik heb drie volle dagen gebruikt voor het schrijven van een half A4-tje: de tekst die ik bij haar crematie in enkele minuten heb uitgesproken. Een goede vriend maakte daarover een opmerking die ik zeer waardeerde: "Het was voor het eerst dat ik bij een crematie of begrafenis gehuild Ún gelachen heb." Maar ik denk niet dat een uitgever ge´nteresseerd is.


Hier vind je een UPDATE.