● HOME ● RANGLIJSTEN ● TERUG ●







Er zijn weinig dingen zeker in het leven. Een ervan lijkt te zijn: als Sven Kramer in wedstrijdverband 5000 m schaatst, dan wint hij die. Zijn eerste officieel geregistreerde wedstrijd reed hij op 3 maart 2003. Daarna volgden er nog 56. Als je hier klikt, zie je alle door hem gerealiseerde tijden. Op 10 november 2007 verloor hij een wedsrijd over 5000 m voor het laatst. Hieronder vind je een reeks van wedstrjden waarin de tijd van Kramer vergeleken wordt met die van zijn naaste belagers. De eerste confrontatie op de 5000 m (in het seizoen 2008 - 2009) met de buitenlandse concurrentie vond plaats in Berlijn op 7 november 2008. Niemand zal erover verbaasd zijn dat Sven Kramer won. Maar hoe won hij? In de grafiek hieronder zie je welke van de zes besten na hem snellere ronden, welke langzamere ronden reden dan hij en hoeveel sneller of langzamer dan hij? In de eerste volle ronde reed Chad Hedrick iets sneller, in de laatste tweede volle rondes reden Bøkko, Verheijen, De Jong en Fabris wat sneller. Kramer had het, denk ik, wel gezien.



De tweede wedstrijd vond plaats op 14 november in Heerenveen. Het resultaat was hetzelfde, alleen de volgorde achter hem was wat anders en Ted-Jan Bloemen had de plaats van Wouter Olde Heuvel overgenomen.




Sven Kramer pakt zijn eerste winst dus meestal in de eerste (halve) ronde. Ronde 2 en/of 3 gaan soms iets langzamer dan die van enkele andere schaatsers. Daarna bouwt hij tot de voorlaatste ronde zijn voorsprong verder uit. In de laatste twee rondes geeft hij dan soms iets toe op snelle finishers als Enrico Fabris en Chad Hedrick. Maar dat doet hij alleen in wedstrijden voor de World Cup, wellicht ook in allroundtournooien. Als het er echt om gaat, kan hij ook die laatste ronden sneller schaatsen dan de anderen.

De verschillen in eindtijden (bij de World Cup in Heerenveen) zeggen ook iets. Zie de grafiek hieronder. Het verschil tussen Kramer en Verheijen is 5,86 seconden. Het verschil tussen Verheijen en Bøkko (nummers 2 en 6 is maar 1,11 seconde. De concurrentie zit dicht bij elkaar, maar wel op afstand van de nummer 1.



De derde wedstrijd waar een deel van de wereldtop en de Nederlandse top op de 5000 m aanwezig waren, was het NK Allround in Heerenveen, waar op 27 december 2008 de 5000 m werd geschaatst.




De volgende serieuze confrontatie vond plaats bij de EK Allround in Heerenveen op 10 januari 2009. Je mag zeggen: van het zelfde laken een pak. Alleen het verschil met nummer 2, Håvard Bøkko, was dit maal wat minder groot. Daar zouden twee oorzaken voor kunnen zijn: 1. Bøkko was 'getergd' door zijn misstap op de 500 m en wilde iets goedmaken; 2. Kramer ging wel zeer ambitieus van start, waardoor hij in de laatste ronden iets moest toegeven op Bøkko, maar de rest kwam opnieuw niet in de buurt. Extra vermelding verdient het nieuwe pr van Koen Verweij, die daarmee vier Nederlandse startplaatsen bij het WK veilig stelde. Enrico Fabris had zich ongetwijfeld de onderstaande grafiek ingereden, maar hij werd gediskwalificeerd (schaats over de lijn).




Erfurt, 31 januari 2009, de World Cup: het begint haast eentonig te worden. Opnieuw is het verschil in eindtijd met nummer 2 ruim 6 zes seconden, terwijl de onderlinge verschillen tussen de 'volgers' niet boven de drie seconden komen. Kramer reed negen ronden onder de 30 seconden. De zes na hem (in tijd) reden er samen zes, waarvan vier van Olde Heuvel.




Ja, en dan is er een nieuw (officieus) wereldrecord op de 5000 m op laaglandbanen en een van de weinige baanrecords die hij nog niet in zijn bezit had. Dat was, kortom, de 5000 m van 7 februari 2009 tijden de WK Allround te Hamar. Het verschil in eindtijd met nummer 2, Bøkko, was ruim 6 seconden. In geen van de ronden reed iemand sneller. Kramer reed als enige alle ronden in minder dan 30 seconden. De verschillen zie je hieronder.




(Toegevoegd op maandag 16 februari 2009 om 15:26 uur.)

De finale van de World Cup vindt plaats op 6 en 7 maart in Salt Lake City. Dan ga ik ervoor zitten om te zien hoe Kramer als eerste de 5000 m in een tijd onder de 6 minuten rijdt. In de grafiek hieronder zie Je de rondetijden van Kramers wereldrecordrit.



Uitgaande van een eerste (halve) ronde in dezelfde tijd (17,74 sec.), moet hij de twaalf volle ronden in een gemiddelde tijd van 28,52 sec. rijden om op een eindtijd van 5.59.98 uit te komen. Als hij zijn schema na de 3400 m weet vast te houden is hem dat al vrijwel gelukt. Tijdens de 10000 m van Hamar kon hij in de 17e ronde een versnelling t.o.v. de 16e ronde uitvoeren van 2,87 sec. Zo'n stunt kan hij nog een keer uithalen. Dan zit hij nog maar 0,45 sec. van een nieuwe wereldrecord af. Veel hangt af van een goede tegenstander. Bob de Jong of Håvard Bøkko zouden daarvoor het beste uitkomen.

(Toegevoegd op zondag 8 maart 2009 om 10.35 uur.)
Vol verwachting ging ik gisteravond naar de tv kijken. Shani Davis had hem de dag ervoor van de eerste plaats op de internationale Adelskalender verdreven, met een nieuw wereldrecord op de 1500 m. Trevor Marsicano reed een wereldrecord op de 1000 m, dat slechts zeer kort stand hield: Shani Davis deed het nog wat sneller. Inspiratie en uitdaging genoeg, zou je zeggen. Hij reed, in de laatste rit, ook nog eens tegen Håvard Bøkko.

Gelukkig: Sven Kramer is ook maar een mens. Hij won overtuigend van Bøkko (en de rest). Maar een nieuw wereldrecord zat er niet in. Het patroon van de rondetijden was vrijwel identiek aan de vorige wedstrijden, maar het verschil met nummer 2, Håvard Bøkko, was minder groot dan gebruikelijk. Zie de grafiek hieronder.



Toch wel opvallend dat Kramer in de laatste ronden (met name de allerlaatste) wat 'langzamer' gaat dan (enkele) anderen. Marsicano gooit er een wel heel snelle laatste ronde uit.

(Toegevoegd op zaterdag 14 maart 2009 9:10 uur.)
En dan de laatste 'echte' wedstrijd van het seizoen: de WK Afstanden op 13 maart 2009 in Richmond. In de laatste vier ritten kwamen acht schaatsers aan de start die bij de snelste 16 ooit van de 5000 m staan, met als "langzaamste" Trevor Marsicano met een pr van 6.16.55. Dit was de ritindeling:

Rit nr. PR Tijd PR Tijd
9 Ivan Skobrev 6.16,53 6.26.86 - Øystein Grødum 6.15,50 6.34.76
10 Trevor Marsicano 6.16,55 6.20.06 - Enrico Fabris 6.06,42 6.20.18
11 Håvard Bøkko 6.09,94 6.18.02 - Bob de Jong 6.12,16 6.25.95
12 Carl Verheijen 6.08,98 6.30.18 - Sven Kramer 6.03,32 6.16.20


Kramer voldeed aan de verwachtingen: hij won voor de derde achtereenvolgende maal de wereldtitel op de 5000 m, maar het was de minst overtuigende overwinning van het seizoen. De verschillen met de nummers één en twee waren nog niet zo klein. Het verschil met zijn pr (tevens wereldrecord) was 12,88 sec. Het verschil van Bøkko's tijd met zijn pr was 8,08 sec., het verschil bij Marsicano 3,51 sec. In de grafiek hieronder zie je alle verschillen in rondetijden.



In de laatste vier ronden waren Marsicano en Fabris sneller dan Kramer. Dat was dit seizoen ook nog niet voorgekomen. Is Kramer ook moe aan het eind van het seizoen? Hield hij zich in omdat er ook nog een 10000 m gereden moet worden?

Dan is er nog een vraag: wie is volgend de jaar de belangrijkste uitdager van Kramer? Is dat Bøkko of is dat Marsicano? Marsciano is een Amerikaan en de Amerikanen richten hun focus veel meer op de Olympische Spelen dan op de allround wedstrijden. Maar ook daar zal Marsicano een geducht tegenstander worden. Als je het wereldrecord op de 1000 m hebt gehad, al was het dan maar voor een paar minuten, dan kun je ook de korte afstanden heel goed aan. Het volgende schaatsseizoen wordt zeer boeiend.

SEIZOEN 2009 - 2010


En het volgende seizoen (2009 - 2010) is begonnen. Als ik dit noteer is het 30 oktober 2009. De eerste dag van de NK Afstanden is voorbij, dus de 5000 m van de mannen is gereden. Het lijkt me niet overdreven te stellen dat bij deze afstand een belangrijk deel van de wereldtop aanwezig was. De wereldtop op de lange afstanden is immers voor een belangrijk deel een Nederlandse zaak.

Natuurlijk, Kramer won weer, maar het was nog niet vreselijk overtuigend. Het was zijn eerste 5000 m dit seizoen. Zelf noemde hij het ook een soort trainingsrit. De verschillen met de volgenden zijn niet erg groot. Bob de Jong, die, ook internationaal, tot nu toe de snelste 5000 m van het seizoen reed, vond ik wat tegenvallen. Koen Verweij, pas 19 en nog junior, bevestigde de verwachtingen die ik vorig seizoen al van hem had.





De eerste confrontatie met de internationale top vond plaats bij de World Cup in Berlijn op 7 november 2009. Het patroon is bekend: Kramer wint, in de eerste ronden iets langzamer dan sommigen, een hele reeks ronden sneller of gelijk. Dit keer tot aan het eind toe. Maar de verschillen per ronde zijn niet groot, de meeste minder dan één seconde.



Aardige bijzonderheid van deze wedstrijd: Koen Verweij ging sneller dan Davis, Fabris en Hedrick.



Een week later, 14 november 2009, zijn vrijwel alle kandidaten voor Olympische medailles bij elkaar in Heerenveen (World Cup). De enige die ontbreken zijn Trevor Marsicano (die al enige tijd met een vormcrisis kampt; in Amerika boekte hij een tijd van 6.37,42; bij de NK Afstanden zou hij daarmee op een vijftiende plaats gekomen zijn) en Carl Verheijen die ziek is.

Dit werd wel, naar mijn mening, de tot nu toe meest memorabele 5000 meter in de carrière van Sven Kramer. Hij had, zei hij na afloop, de twee dagen ervoor plat gelegen. Hij had niet ingereden. Bob de Jong had al snel gereden en Kramer reed tegen Håvard ('The Shadow') Bøkko, die lang voor hem reed. Het leek de eerste nederlaag in twee jaar te worden. Dat werd het niet, maar de verschillen waren heel klein.



Het moet ook de grootste teleurstelling uit het (schaats)leven van Bøkko zijn geweest: van de eerste tot en met de voorlaatste ronde lag hij voor, hij kruiste vanuit de buitenbaan zelfs voor Kramer langs. Langs de kant moet Bob de Jong knarsetandend hebben toegekeken: vanaf de negende volle ronde lag hij voor op Kramer. Wat er precies gebeurde zie je in de grafiek hieronder. Je ziet de verschillen in de totaaltijd na elke ronde. Daaronder zie de rondetijden in beeld gebracht.






Zaterdag 5 december 2009 was de Sint al lang vertrokken toen Kramer aan zijn race tegen Bob de Jong begon. Het werd niet, zoals in Heerenveen op 14 november, een 'narrow escape'. Het werd een demonstratie. Vanaf het begin werd De Jong op achterstand gezet en daar bleef hij, zonder dat Kramer 'voluit' ging. Uiteraard gold voor de anderen hetzelfde.



Ook om andere redenen was dit een memorabele wedstrijd. Ivan Skobrev reed opnieuw een persoonlijk en Russisch record. Ineens verschijnen (in dit overzicht), een Fransman en een Koreaan. Grote afwezige is opnieuw Fabris en Bøkko komt niet verder dan een zesde plaats. Op een andere plek geef ik een prognose voor de 5000 m in Vancouver. Die lijkt nu al achterhaald. Nu lijkt de volgende uitslag waarschijnlijk:
1. Sven Kramer;
2. Ivan Skobrev;
3. Bob de Jong.
Of komen Fabris, Bøkko en Marsicano nog terug?


Bij het EK Allround in Hamar op 9 januari 2010 was, naast Kramer, een aantal potentiële kandidaten voor een Olympische medaille op de 5000 m aanwezig: Fabris, Bøkko en Skobrev. Bøkko viel, om onduidelijke redenen, op de 500 m, blesseerde zijn schouder en deed niet mee op de 5000 m. Skobrev viel duidelijk tegen: een Fransman en een debuterende Nederlander waren sneller. Fabris kwam behoorlijk dichtbij, reed 6 ronden sneller dan Kramer, maar kon de winnende reeks niet onderbreken.






13 februari 2010: de eerste schaatsrit van de Olympische Winterspelen 2010. De loting had niet mooier kunnen zijn; Kramer moest vóór alle andere kanshebbers rijden. Hij moest een tijd neerzetten. Dat deed hij dus. Minstens even aardig was dat niet de verwachte andere medaillekandidaten - Fabris en Bøkko, die beiden ronduit tegenvielen - tweede en derde werden, maar de tot voor kort onbekende Koreaan Seung-Hoon Lee en de opgeleefde Rus Ivan Skobrev.

Deze 5000 m liet het bekende patroon zien: tot de 3400 m bouwt Kramer een zodanige voorsprong op dat de anderen die met wat snellere ronden aan het eind niet meer kunnen inhalen.



Hieronder zie je de rondetijden van de medaillewinnaars in beeld gebracht.




Op 19 maart 2010 werd de laatste 'grote' 5000 m van het seizoen gereden bij de WK Allround in Heerenveen. Een WK na Olympische Spelen laat nooit het sterkst mogelijke deelnemersveld zien en de wel aanwezige deelnemers vaak niet in hun beste vorm. Kramer had ook nog eens last gehad van luchtwegproblemen. Maar hij won wel weer. De verschillen waren klein.




Sinds Sergej Martsjuk op 19 maart 1977 als eerste de 5000 m in minder dan 7 minuten reed (6:58.88) is het wereldrecord nog 29 keer verbeterd:
- 5 x achter elkaar door Johann-Olav Koss;
- 4 x door Gianni Romme;
- 3 x door Sven Kramer;
- 2 x door Geir Karlstad;
- 1 x door een reeks anderen.

De grootste verbetering in één keer staat op naam van Gianni Romme: 6,04 sec., gevolgd door Sven Kramer met 4,08 sec.

Gianni Romme verbeterde in totaal het record met 12,47 sec., Johann-Olav Koss met 8,63 sec. en Sven Kramer met 6,28 sec.

De nog actieve verbeteraars van het record zijn: